Netherlands

Loading

Vooruitblik: wat betaalt u in 2016 voor uw zorgverzekering?

Om zorg in Nederland betaalbaar te houden, legt het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) elk jaar opnieuw de financiering van de Zorgverzekeringswet onder de loep. Vaak leidt dat tot aanpassingen in de zorgpremie, de inkomens-
afhankelijke bijdrage, het eigen risico en de eigen bijdragen. Wat kunt u voor 2016 verwachten?


1. De zorgpremie

Wie betaalt: verzekerden
Wie ontvangt: zorgvezekeraars

Het ministerie van VWS maakte op Prinsjesdag bekend dat de gemiddelde nominale premie voor 2016 waarschijnlijk met € 84 per jaar zal stijgen. In praktijk bepalen zorgverzekeraars zelf de premieverhoging. Hieronder vindt u een overzicht van de vier grootste zorgverzekeraars van Nederland:

Een belangrijke factor voor de hoogte van de premie is de solvabiliteitseis aan verzekeraars. Die eis wordt per 1 januari 2016 fors strenger als gevolg van nieuwe Europese regelgeving. Veel verzekeraars zullen hun financiële reserves daardoor moeten spekken. De vraag is: in hoeverre doen ze dat met behulp van hogere premies?

Aon constateert dat veel verzekeraars voor 2016 inderdaad hun premie hebben verhoogd, maar dat de mate waarin dat gebeurt varieert. De solvabiliteitspercentages van verzekeraars lopen namelijk behoorlijk uiteen. Hogere premies kunnen ervoor zorgen dat uw werknemers vaker van aanvullende verzekeringen afzien of een hoog vrijwillig eigen risico kiezen. Dat kan ook voor u gevolgen hebben, bijvoorbeeld als de kosten voor fysiotherapie in het kader van re-integratie niet door de zorgverzekeraar worden vergoed. Het kan ervoor zorgen dat werknemers behandelingen uitstellen, waardoor de klachten verergeren.

Lees het artikel ‘Verzuim te lijf: zijn uw werknemers voldoende verzekerd?’ voor meer informatie over de vergoeding van fysiotherapie en psychologische zorg.

2. De inkomensafhankelijke bijdrage

Wie betaalt: werkgevers, zzp'ers en AOW'ers
Wie ontvangt: Belastingdienst

Werkgevers, zzp’ers en gepensioneerden betalen samen de inkomensafhankelijke bijdrage. Het gaat om een fors bedrag: van de slordige € 44 miljard die in de Zorgverzekeringswet omgaat, wordt maar liefst de helft vanuit de inkomensafhankelijke bijdrage gefinancierd.

Voor 2016 daalt het reguliere tarief voor de inkomensafhankelijke bijdrage met 0,20% naar 6,75% van het bijdrageplichtig inkomen. Dat is goed nieuws voor u als werkgever, omdat u voor uw werknemers de inkomensafhankelijke bijdrage betaalt. Voor zelfstandigen en gepensioneerden is er minder goed nieuws: hun inkomensafhankelijke bijdrage stijgt van 4,85% naar 5,50%.

Hoewel u als werkgever fors meebetaalt aan de financiering van de Zorgverzekeringswet, zijn uw werknemers vrij om te bepalen waar zij zich voor zorg verzekeren. Het advies van Aon: regel een aantrekkelijke collectiviteit. Daarvoor is het wel noodzakelijk dat de collectiviteitskorting blijft bestaan.

Lees het artikel ‘NZa start onderzoek naar collectiviteiten’ voor meer informatie over zorgcollectiviteit.

3. Het verplichte eigen risico

Wie betaalt: verzekerden
Wie ontvangt: zorgverzekeraars


Het verplichte eigen risico stijgt in 2016 van € 375 naar € 385. Die verhoging komt volgens het ministerie van VWS voort uit de jaarlijkse indexatie van het eigen risico.

Naast het verplichte eigen risico kunnen verzekerden voor een vrijwillig eigen risico kiezen. Een populaire keuze is dat niet, blijkt uit cijfers: slechts 12% van de verzekerden van 18 jaar en ouder koos er in 2015 voor. Van deze groep lijkt het merendeel wel overtuigd: ruim twee derde koos voor het maximale vrijwillige eigen risico van € 500. Uitgaande van dezelfde cijfers betalen deze verzekerden in 2016 de eerste € 885 aan zorgkosten zelf.

Met een hoog vrijwillig eigen risico is niets mis als de verzekerde geld achter de hand heeft. Er is wel reden tot zorg als uw werknemer alleen op zijn premie wil besparen. Als hij of zij toch zorgkosten maakt en het bedrag vervolgens niet kan betalen, kunt ook u als werkgever daar last van krijgen. Het is verstandig hier aandacht voor te hebben binnen uw bedrijf.

4. De eigen bijdragen

Wie betaalt: verzekerde
Wie ontvangt: zorgverzekeraars


De Zorgverzekeringswet kent eigen bijdragen en maximale vergoedingen voor haarprothesen, lenzen en brillenglazen, orthopedische schoenen, kraamzorg en ziekenvervoer. De hoogte daarvan wordt jaarlijks aangepast op basis van indexatie.

Voor 2016 gelden lagere eigen bijdragen voor orthopedische en allergeenvrije schoenen. De overige eigen bijdragen worden verhoogd. Daarnaast komen voor minderjarigen de eigen bijdragen voor hoortoestellen en tinnitusmaskeerders, een hulpmiddel tegen oorsuizen, te vervallen.